ABU bezorgd om gevolgen wetsvoorstel Arbeidsmarkt in Balans

ABU bezorgd om gevolgen wetsvoorstel Arbeidsmarkt in Balans
23-04-2018

Na VNO-NCW en de NBBU is ook de ABU zeer negatief in haar reactie op de plannen van D66-minister Koolmees rondom uitzenden en payroll. De ABU veegt de vloer aan met vrijwel alle onderdelen van het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in Balans (WAB).

De ABU zegt zich zorgen te maken om de gevolgen van het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in Balans (WAB), dat minister Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) begin deze week ter internetconsultatie heeft vrijgegeven.

Opstapfunctie uitzendbranche

De ABU vreest dat minister Koolmees de wens van het kabinet om de kloof tussen vast en flexibel werk te verkleinen met het wetvoorstel Arbeidsmarkt in balans niet gaat realiseren. Volgens de brancheorganisatie wordt onder meer de opstapfunctie van de uitzendbranche om kwetsbare groepen aan de slag te helpen en mensen van-werk-naar-werk te begeleiden met de voorstellen in gevaar gebracht. Ook waarschuwt de ABU dat de kans bestaat dat door tal van sluiproutes minder gereguleerde vormen van flex juist zullen toenemen.

Payrollwet staat haaks op regeerakkoord

Ook is de ABU niet mild als het gaat om Koolmees’ plannen rondom payroll. De concept-payrollwet staat als onderdeel van het wetsvoorstel volgens de ABU haaks op de voorstellen in het regeerakkoord. In het regeerakkoord staat namelijk dat uitzenden en detacheren niet ter discussie staan, dat payrolling moet kunnen blijven bestaan om te ‘ontzorgen’ en dat uitvoerbaarheid een randvoorwaarde is.
Een cruciaal punt van kritiek van de ABU op het wetsvoorstel is de definitie van payrolling. Daarin zijn twee elementen bepalend: de allocatiefunctie van de werkgever en de exclusieve terbeschikkingstelling van de arbeidskracht aan de opdrachtgever. Deze kenmerken en vooral de uitwerking ervan zijn wat de ABU betreft erg onduidelijk, wat in de praktijk kan leiden tot rechtsonzekerheid. Daarnaast heeft de definitie volgens de ABU een te ruim bereik, waardoor ook vormen van uitzendwerk eronder gaan vallen, bijvoorbeeld bij doorlenen of backoffice payrolling door uitzendbureaus. En het wetsvoorstel zal volgens de ABU in veel gevallen onuitvoerbaar zijn. Ook de Raad van State heeft zich onlangs kritisch uitgelaten over zowel de gehanteerde definitie als de maatregelen.

Premiedifferentiatie vast en flex

In het wetsvoorstel is opgenomen dat de sectorfondspremies worden afgeschaft. In plaats daarvan komt er een WW-premie waarvan de hoogte afhankelijk is van de contractvorm van werknemers. Voor het vaste contract zal straks één lage WW-premie gelden. Voor het tijdelijke contract gaat een premie gelden die 5%-punt hoger is. Feitelijk leiden de huidige kabinetsvoorstellen tot het apart beprijzen van ‘flex’.

Allocatiefunctie uitzendbranche niet beloond

De ABU is al langer van mening dat de systematiek voor de WW-sectorpremie niet meer past bij de dynamiek van onze huidige economie. Wel had de ABU het eerlijker gevonden als de allocatiefunctie van de uitzendbranche ook beloond zou worden. Vooral de vaste verhouding van de WW-premie vast en flex leidt tot een aanzienlijk verschil in werkgeverslasten, waarbij de verhouding niet meer wordt gebaseerd op het werkelijke instroomrisico. Uitzendondernemingen hebben geen grip op de instroom in de WW, omdat uitzendwerk conjunctuurgevoelig is en de inlener feitelijk de instroom bepaalt.

Bonus WW-uitstroom uitzendbranche

De ABU wijst op recent onderzoek van SEO Economisch Onderzoek waaruit blijkt dat 23% van de WW’ers via de uitzendbranche instroomt. Daartegenover staat dat 34% van de WW’ers binnen één jaar het werk weer hervat via de uitzendbranche. Meer uitstroom dan instroom dus. Daarom pleit de ABU voor een bonus voor WW-uitstroom, zodat recht wordt gedaan aan het grote aantal mensen met een WW-uitkering, die via de uitzendbranche weer werk vinden.

Transitievergoeding?

Volgens het wetsvoorstel WAB krijgen werknemers vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst recht op de transitievergoeding en wordt de bestaande regeling voor scholingskosten, die zijn gemaakt om een andere functie bij de werkgever uit te oefenen, verruimd. Het is volgens de ABU maar de vraag of het doel van de transitievergoeding – de duurzame inzetbaarheid van werknemers stimuleren – hiermee wordt gerealiseerd. Zo is nog onduidelijk of de uitzend- en payrollbranche de verruimde mogelijkheden om scholingskosten in mindering te brengen ten volle kan benutten. De ABU wijst erop dat de uitzendbranche in grote mate bijdraagt aan het bevorderen van werkzekerheid voor mensen. Het moet niet zo zijn dat de aangepaste transitievergoeding dat in de weg gaat staan. Duidelijkheid daarover is nodig en zal de ABU ook vragen in de internetconsultatie.

Oproepkrachten

In de WAB staan ook maatregelen om verplichte permanente beschikbaarheid van oproepkrachten te voorkomen. Zo moet een werknemer minstens vier dagen van tevoren worden opgeroepen door de werkgever. Ook houden oproepkrachten recht op loon als het werk wordt afgezegd. De termijn van vier dagen kan bij cao worden verkort tot een dag.
De ABU heeft begrip voor de achterliggende intentie van het kabinet bij de maatregelen om oproepcontracten meer te reguleren. Werknemers krijgen meer regie over hun beschikbaarheid voor werk. De ABU zegt daarover in het laatste cao-akkoord ook al afspraken te hebben gemaakt met de vakbonden.

Eerder deze week uitten werkgeversvereniging VNO-NCW, MKB Nederland en de NBBU ook al forse kritiek op de plannen van minister Koolmees, die het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in balans begin deze week ter internetconsultatie heeft aangeboden.
 

Terug naar nieuwsoverzicht
BDE Personeelsdiensten
De Boorn 15
8253 RA
Dronten
volg ons op:
Facebook LinkedIn
© 2018 BDE Personeelsdiensten  -   Sitemap  -   Realisatie: Sybit | Software op Maat